Eergerelateerd geweld: Zo vreemd nog niet?

Eergerelateerd geweld is voor veel Nederlanders iets onbegrijpelijks en velen denken dat het alleen voorkomt onder niet-Westerse burgers. Diverse professionals, zoals politie, justitie en sociaal werkers hebben er in hun praktijk echter dagelijks mee te maken. Hoe kunnen zij met eergerelateerde zaken omgaan als zij deze niet volledig begrijpen? In dit artikel gaan we op zoek naar de sociaal psychologische mechanismen die ten grondslag liggen aan eergerelateerd geweld en concluderen dat deze ook vanuit een Westers perspectief te begrijpen zijn. 

Afbeelding van Flickr (https://www.flickr.com/photos/joegatling/2511246618/in/photolist-4PUN8u-9h85xz-pzfnAA-49R7TS-2BBzC-VJrsd7-FHEmJr-Sg9Nm6-4YKysA-9E7MH4-27JSB9-e2z3uS-bsd7NQ-beXYrH-49RgGS-4DWBGC-dsz3CJ-jLbhds-53MRi7-s8PgRF-6wqZiD-Mv2U-cNHQEG-5dLL3-eRdbu-5QLKzN-b6Vv24-fHLdnJ-xvJfx-pQGfJ-nanyFc-7Kckpm-aFs3Eg-7GAfoL-FQq43M-54gB3T-Fixra8-qVPsgf-axPWNs-8QC3E-8jvP5-bGrpMz-e1LUZq-bC6wy7-bBDN8n-4QukQG-fAa1f5-7zZ77B-4Qq6jg-dbroFh), CC BY 2.0(https://creativecommons.org/licenses/by/2.0/)

Wat is eergerelateerd geweld?

Eergerelateerd geweld is elke vorm van geweld die gepleegd wordt om iemands eer te herstellen (bijv. iemand die jouw eer heeft aangetast doden) of te verdedigen (bijv. agressief reageren op een belediging). Deze vorm van geweld komt volgens sommige onderzoekers vooral voor in zogenoemde ‘eerculturen’. Volgens onderzoekers zijn eerculturen te vinden in het Middellandse Zeegebied (Turkije, Marokko, Syrië, maar ook Spanje, Italië), op het Arabisch schiereiland, in Centraal Azië (Afghanistan) en het zuiden van de Verenigde Staten (Uskul, Cross, Gunsoy, & Gul, in press). Eergerelateerd geweld komt in Nederland ook voor, maar precieze cijfers over hoe vaak zijn moeilijk te achterhalen(Landelijk Expertise Centrum Eergerelateerd Geweld).

‘Eerculturen’ worden gezien als anders dan ‘niet-eerculturen’ (in het algemeen Westerse culturen). Zo zouden mensen uit ‘eerculturen’ meer belang hechten aan wat anderen van hen vinden (Leung & Cohen, 2011), emotioneel heftiger reageren op beledigingen (Rodriguez Mosquera, Fischer, Manstead & Zaalberg, 2008), en sneller agressief worden dan mensen uit ‘niet eer-culturen’(Cohen, Nisbett, Bowdle & Schwarz, 1996; Van Osch, Breugelmans, Zeelenberg, & Bölük, 2013). Maar wat eer precies omvat blijft in deze onderzoeken onduidelijk. Er zijn ook verschillen in het gebruik van het woord eer. Zo hebben bijvoorbeeld het Nederlandse woord eer en het Turkse woord onur gemeen dat ze beide onder meer gaan over integriteit, betrouwbaarheid en moraliteit (bijv. eervol ontslag; Cross et al., 2014), maar ook over sociale status (bijv. eremedaille). Het Turks heeft echter nog meer woorden voor eer, zoals gurur (o.a. te vertalen met emoties als zelfrespect, trots), şeref ( moraliteit en sociale status) en namus (seksuele moraliteit; Ermers, Goedee, Albrecht & De Jong, 2010). Dat laatste verwijst naar iets waar de Nederlandse taal op het eerste gezicht geen specifieke term voor heeft. Betekent dat dan ook dat eer in die betekenis voor Nederlanders niet bestaat en dat Nederlanders die niet kunnen ervaren of begrijpen? Wij denken van niet.

Wanneer is iemands eer in het geding?

Volgens ons komt iemands eer in gevaar als hij of zij iets heeft gedaan, of van iets beschuldigd wordt, wat door de eigen groep als moreel verwerpelijk wordt gezien, moreel wangedrag dus (Ermers, in press; Van Osch, in press). In onze visie is eer synoniem met een reputatie van integriteit en betrouwbaarheid. Je eer, je morele reputatie, kan door moreel verwerpelijk gedrag in gevaar komen. Een stereotiep voorbeeld is een Turkse vrouw die verdacht wordt van vreemdgaan. Maar andere voorbeelden zijn mensen die verdacht worden van corruptie of seksuele intimidatie, of een politieagent die een mol voor de onderwereld blijkt te zijn. De naaste groepsleden (bijvoorbeeld familie, collega’s, directie) zullen niets te maken willen hebben met deze individuen: het zou je broer maar zijn die vastzit wegens verkrachting, of je naaste collega die een verrader blijkt te zijn. Jijzelf en de andere leden van de groep vertrouwen hen niet meer. Bovendien: hun verwerpelijke gedrag kan afstralen op de gehele groep (de familie, de politie) en een gevaar vormen voor het voortbestaan ervan in de gemeenschap. De groepsleden zullen daarom proberen deze individuen uit de groep te zetten, ‘sociale uitsluiting’ noemen we dat. Hij of zij krijgt ‘oneervol’ ontslag.

Hoe reageren mensen op problemen met hun eer?

Mensen van wie de eer, hun morele reputatie dus, in gevaar is staan op het punt wegens (vermeend) moreel wangedrag hun plaats in een groep te verliezen - een groep die voor hen betekenisvol, veilig en waardevol is. Mensen hebben behoefte aan groepslidmaatschap (Baumeister & Leary, 1995) en ervaren sociale uitsluiting als zeer pijnlijk. Slachtoffers van sociale uitsluiting ervaren een bedreigd zelfvertrouwen en kunnen boos en agressief reageren op hun buitensluiting (Williams, 2007). Samengevat: als je door anderen wordt uitgesloten heb je niet alleen het idee dat anderen slecht over je denken, maar kun je bovendien slecht over jezelf gaan denken. Je schaamt je, maar je kunt er ook boos over worden en de neiging krijgen om jezelf te verdedigen. Deze ervaringen zijn waarschijnlijk voor iedereen herkenbaar. Wij zijn van mening dat álle mensen soortgelijke ervaringen hebben als mensen uit zogenoemde eerculturen.

Eergerelateerd geweld kan vervolgens op twee manieren ontstaan (Ermers, in press; Van Osch, in press). De eerste mogelijkheid is dat iemands eigen wangedrag, of een beschuldiging daarvan, ertoe leidt dat zijn of haar eer in gevaar komt. Door middel van boosheid en agressie kan deze persoon sociale uitsluiting willen voorkomen, of beschuldigingen in twijfel laten trekken. Het is daarnaast mogelijk dat iemands eer in gevaar komt omdat een persoon waar hij/zij mee geassocieerd wordt (familielid, collega, enz.) wangedrag heeft gepleegd. Het geweld is dan meestal gericht tegen de wangedragpleger en met het geweld wil hij/zij het wangedrag voorkomen, geheimhouden of aan buitenstaanders laten zien dat hij/zij het gedrag afkeurt en afstand neemt van de wangedragpleger.

Is eergerelateerd geweld te begrijpen?

Waarom lijkt volgens onderzoek eergerelateerd geweld vaker te worden waargenomen in zogenoemde eerculturen dan bijvoorbeeld in de Nederland? De input (waardoor iemand zijn/haar eer kan verliezen; Ellemers, Pagliaro & Barreto, 2013) en output (hoe men reageert op eerverlies) zijn afhankelijk van morele normen, normen over goed en slecht. De precieze redenen waarvoor iemand buitengesloten wordt en hoe dat gebeurt, kunnen verschillen tussen gemeenschappen, maar wát mensen in zo’n situatie ervaren lijkt vrij universeel. Kortom, het onderliggende sociaal-psychologische mechanisme dat in werking treedt bij het ervaren van bedreigingen voor de eer, de morele reputatie, is vergelijkbaar tussen verschillende gemeenschappen.

Deze analyse van hoe mensen reageren op sociale uitsluiting sluit aan op bevindingen uit eerder onderzoek. Onderzoek naar de zogenoemde eerculturen heeft zich tot nu toe vooral gefocust op hoe beledigingen invloed hebben op iemands zelfvertrouwen (Novin, Tatar, & Krabbendam, 2015; Rodriguez Mosquera, Manstead, & Fischer, 2002), ervaringen van schaamte en boosheid (Rodriguez Mosquera et al., 2008), en agressieve neigingen (Cohen et al., 1996; Van Osch et al., 2013). In dat type onderzoek blijft echter onduidelijk wat er precies onder eer wordt verstaan en wordt er vooral gebruik gemaakt van hypothetische situaties waarin mensen op allerlei manieren beledigd worden (“stel je voor, iemand scheldt je uit voor …”). Na de belediging wordt de proefpersoon meestal gevraagd wat het doet met zijn/haar eergevoel, zelfvertrouwen, emotionele toestand en de neiging om agressief te worden. Deze onderzoeken vergelijken vaak de reacties van proefpersonen uit een zogenoemde eercultuur met participanten uit een niet- eercultuur, maar gebruiken situaties die alleen in sommige gemeenschappen als ongemakkelijk, beledigend of immoreel worden gezien. Het is dan moeilijk om te achterhalen wat de oorzaak is van de gevonden verschillen: is het omdat eer alleen in sommige culturen bestaat, of omdat de vraag van de onderzoekers slechts in één van de onderzoeksgroepen als bedreigend wordt ervaren? Als onderzoekers de verschillen in reacties van mensen met verschillende achtergronden willen begrijpen, is het van belang om dieper in te gaan op de onderliggende overeenkomsten en verschillen.

Goed nieuws

Het feit dat eergerelateerd geweld ook te begrijpen is vanuit een Westers perspectief is goed nieuws voor onze multiculturele samenleving. Onderling begrip draagt bij aan tolerantie en samenwerking en Nederlandse professionals kunnen baat hebben bij deze nieuwe analyse. Denk hierbij aan politie, justitie en maatschappelijk werk. Zij kunnen moeite hebben met het herkennen van eergerelateerde zaken en weten soms niet hoe ze moeten handelen in dergelijke situaties (Landelijk Expertise Centrum Eergerelateerd Geweld van de politie). Onze analyse laat zien dat er genoeg situaties zijn waarin zij zich in principe zouden moeten kunnen verplaatsen en die veel gemeen hebben met eergerelateerde, morele kwesties van niet-westerse medeburgers (Ermers, 2007; in press). Agenten hoeven waarschijnlijk niet lang na te denken hoe zij zich zouden voelen als ze van fraude worden verdacht, of waarom ze mogelijk boos en agressief zouden reageren op een collega die een mol uit de onderwereld blijkt te zijn. Met dergelijke voorbeelden krijgen hulpverleners beter inzicht in het proces en het vermogen zich te verplaatsen in de positie van de ander, bijvoorbeeld in de positie van een Turkse vrouw die van overspel verdacht wordt of die van haar familie. We verwachten uiteraard niet dat ze het geweld goedkeuren, maar een beter begrip van de motieven, gevoelens en de sociale consequenties stelt ze in staat om betere analyses te maken van mogelijk eergerelateerde situaties, waardoor escalatie van de zaak voorkomen kan worden (Ermers, 2007).

Referenties

  • Baumeister, R. F., & Leary, M. R. (1995). The need to belong: Desire for interpersonal attachments as a fundamental human motivation. Psychological Bulletin, 117, 497-529.
  • Cohen, D., Nisbett, R. E., Bowdle, B. F., & Schwarz, N. (1996). Insult, aggression, and the Southern culture of honor: An "experimental ethnography". Journal of Personality and Social Psychology, 70, 945-960.
  • Cross, S. E., Uskul, A. K., Gercek-Swing, B., Sunbay, Z., Alozkan, C., Gunsoy, C., Ataca, B., & Karakitapoglu-Aygun, Z. (2014). Cultural prototypes and dimensions of honor. Personality and Social Psychology Bulletin, 40, 232-249.
  • Ellemers, N., Pagliaro, S., & Barreto, M. (2013). Morality and behavioural regulation in groups: A social identity approach. European Review of Social Psychology, 24, 160-193.
  • Ermers, R. (2007). Eer en eerwraak: Definitie en analyse. Amsterdam: Bulaaq.
  • Ermers, R. (in press). Honor related violence: a new social psychological perspective. Londen: Routledge.
  • Ermers, R., Goedee, J., Albrecht, M., & De Jong, R. (2010). Werkboek eergelateerd geweld. Den Haag: Boom Lemma Uitgevers.
  • Landelijk expertise centrum eergerelateerd geweld: www.leceergerelateerdgeweld.nl
  • Leung, A. K.-Y., & Cohen, D. (2011). Within- and between-culture variation: Individual differences and the cultural logics of honor, face, and dignity cultures. Journal of Personality and Social Psychology, 100, 507–526.
  • Novin, S., Tatar, B., & Krabbendam, L. (2015). Honor and I: Differential relationships between honor and self-esteem in three cultural groups. Personality and Individual Differences, 86, 161–163.
  • Rodriguez Mosquera, P.M., Fischer, A., Manstead, A., & Zaalberg, R. (2008). Attack, disapproval, or withdrawal? The role of honour in anger and shame responses to being insulted. Cognition & Emotion, 22, 1471–1498.
  • Rodriguez Mosquera, P. M., Manstead, A., & Fischer, A. (2002). The role of honor concerns in emotional reactions to offenses. Cognition and Emotion, 16, 143–163.
  • Uskul, A. K., Cross, S. Gunsoy, C., & Gul, P. (in press). Cultures of honor. In S. Kitayama and D. Cohen (Eds.), Handbook of cultural psychology (2nd Edition). New York: The Guilford Press.
  • Van Osch, Y. M., Breugelmans, S. M., Zeelenberg, M., and Bölük, P. (2013). A different kind of honor culture: Family honor and aggression in Turks. Group Processes and Intergroup Relations, 16, 334–344.
  • Van Osch, Y. (in press). Culture of honor and retaliation. In T. K. Schackelford and V. A. Weekes-Shackelford (Eds.), Encyclopedia of Evolutionary Psychological Science. Springer.
  • Williams, K.D. (2007). Ostracism. Annual Review of Psychology, 58, 425– 452.

Auteur(s) van het artikel

Facebook