Binnenkort elektriciteit op voorschrift bij depressie?

Binnenkort elektriciteit op voorschrift bij depressie?

Stel je voor: een behandeling voor depressie die niet via een pil of een gesprek verloopt, maar via een klein toestel dat een elektrische stroom naar de hersenen stuurt. Futuristisch? Misschien. Toch kreeg zo’n toestel in 2025 in de Verenigde Staten voor het eerst officiële goedkeuring voor thuisgebruik bij mensen met depressieve klachten (Bikson et al., 2025). Deze ontwikkeling is niet onbelangrijk. Depressie is wereldwijd een van de belangrijkste oorzaken van ziekte en lijden (Ferrari et al., 2024). Ook in België krijgt ongeveer één op de vijf mensen er ooit mee te maken (Healthy Belgium, 2024). Extra behandelingsmogelijkheden zijn dus meer dan welkom. Betekent dit dat elektriciteit binnenkort een plaats krijgt in de behandeling van depressie?

 

Een oud idee in een modern jasje

Het idee om de hersenen van buitenaf te beïnvloeden is allesbehalve nieuw. Al in de Romeinse tijd gebruikten artsen elektrische vissen om hoofdpijn en andere pijnklachten te behandelen. Door de eeuwen heen experimenteerden wetenschappers met elektriciteit en magneten in pogingen om het zenuwstelsel te beïnvloeden (Priori, 2003). Vandaag zijn die ideeën uitgegroeid tot behandelmethoden die grondig onderzocht worden, onder meer bij depressie, tijdens revalidatie na een beroerte en bij klachten zoals chronische pijn of tinnitus (Lefaucheur 2017, 2020). Samen vallen zulke technieken onder de noemer niet-invasieve hersenstimulatie: methoden die hersenactiviteit beïnvloeden zonder operatie of ingreep in het lichaam. Eén van de meest eenvoudige vormen daarvan is transcraniële gelijkstroomstimulatie, of tDCS.

Bij tDCS wordt hersenactiviteit beïnvloed met een zeer zwakke elektrische stroom. Twee elektroden worden op de hoofdhuid geplaatst en op hun plaats gehouden met een flexibele band of met een soort badmuts. Ze zijn verbonden met een klein toestel, ongeveer zo groot als een smartphone, dat gewoon in de hand kan worden gehouden of op tafel kan liggen. De stroomsterkte is erg laag, meestal tussen 0,5 en 2 milliampère, vergelijkbaar met de stroom die door kleine batterijtoestellen loopt. De stimulatie voelt meestal niet sterker dan een licht tintelend of warm gevoel op de plekken waar de elektroden zitten.

Afbeelding van Stefanie De Smet

 

tDCS “stuurt” de hersenen niet rechtstreeks aan. In plaats daarvan beïnvloedt het tijdelijk hoe gevoelig hersencellen zijn voor activiteit. Daardoor kunnen hersennetwerken als het ware makkelijker meebewegen met andere behandelingen, zoals psychotherapie. Net daarom wordt tDCS vaak onderzocht als een mogelijke aanvulling op bestaande therapieën (Sathappan et al., 2019).

Een behandeling met tDCS bestaat meestal uit dagelijkse sessies gedurende meerdere weken. In veel studies gebeuren die nog in onderzoekscentra of ziekenhuizen, waardoor patiënten telkens moeten langskomen voor korte behandelingen. Dat kan behoorlijk belastend zijn, zeker voor mensen die met depressieve klachten kampen. Omdat tDCS relatief eenvoudig, draagbaar en veilig is, wordt steeds vaker onderzocht of zulke behandelingen ook thuis kunnen plaatsvinden (Knotkova et al., 2019).

 

Van labo naar living

In de studie waarop de goedkeuring voor thuisgebruik in de VS gebaseerd is, namen 174 volwassenen met een depressie deel. Sommigen kregen echte stimulatie, anderen een nepbehandeling, maar deelnemers wisten niet of zij de echte of neppe behandeling ontvaning. Op deze manier konden onderzoekers nagaan of de techniek echt effect had. 

De behandeling gebeurde met een lichte headset die over het voorhoofd werd gedragen. Via twee elektroden op de voorzijde van het hoofd werd gedurende 30 minuten een zwakke elektrische stroom van ongeveer 2 milliampère toegediend. In het begin kregen deelnemers vijf sessies per week, later drie sessies per week, gedurende in totaal tien weken. Tijdens een sessie zaten of lagen deelnemers rustig terwijl het toestel de stimulatie gaf.

Opvallend: de volledige behandeling gebeurde gewoon thuis. De studie liep in het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten, maar deelnemers hoefden niet telkens naar een ziekenhuis of onderzoekscentrum te komen. Onderzoekers volgden de sessies op afstand  via een app en via videobellen. Die digitale opvolging bleek meer te zijn dan een praktische oplossing. Veel deelnemers gaven aan dat de regelmatige videocontacten hen een gevoel van steun en betrokkenheid gaven tijdens de behandeling.

De resultaten waren bemoedigend. Mensen die echte stimulatie kregen, zagen hun depressieve klachten sterker afnemen dan deelnemers die de nepbehandeling kregen. Ze hadden ook vaker een duidelijke verbetering van hun klachten of zelfs een volledig herstel van de depressieve symptomen (Woodham et al., 2025).

De recente Amerikaanse goedkeuring is vooral symbolisch belangrijk: voor het eerst maakt een behandeling zonder medicijnen voor depressie de stap van het onderzoekslabo naar de woonkamer. Als zulke behandelingen veilig thuis kunnen gebeuren onder begeleiding van zorgverleners, zou dat op termijn het behandelaanbod voor depressie kunnen uitbreiden.

 

Geen wondermiddel

Deze goedkeuring betekent niet dat tDCS plots een wondermiddel is. Wel markeert ze een kantelpunt. Niet-invasieve hersenstimulatie wordt toegankelijker en daarmee verschuift ook de centrale vraag in het onderzoek. Het debat gaat steeds minder over óf deze technieken effect hebben, maar meer over voor wie ze werken, wanneer ze het meest zinvol zijn en hoe ze kunnen worden gecombineerd met andere behandelingen, zoals psychotherapie of medicatie.

Dus.. krijgen we binnenkort letterlijk elektriciteit op voorschrift? Waarschijnlijk niet in de komende jaren. Wat deze ontwikkeling vooral laat zien, is dat niet-invasieve hersenstimulatie langzaam evolueert van een gespecialiseerde techniek binnen onderzoeks- en ziekenhuiscontexten naar een mogelijke aanvulling binnen de bredere geestelijke gezondheidszorg.

Die evolutie is belangrijk. Niet omdat ze bestaande behandelingen vervangt, maar omdat ze het behandelaanbod vergroot. Voor mensen bij wie klassieke therapieën onvoldoende helpen, of die baat hebben bij een andere aanpak, kan dat op termijn het verschil maken. En precies daarin ligt de echte belofte van deze technologie: meer mogelijkheden om mensen met depressieve klachten beter en gerichter te ondersteunen.

 

Referenties

Bikson, M., Brunoni, A. R., & George, M. S. (2025). US FDA approves home-delivered tDCS for treating depression. Brain Stimulation, 18, 103021. https://doi.org/10.1016/j.brs.2025.103021

Ferrari, A. J., Santomauro, D. F., Mantilla Herrera, A. M., Shadid, J., Erskine, H. E., et al.(2024). Global incidence, prevalence, years lived with disability (YLDs), disability-adjusted life-years (DALYs), and healthy life expectancy (HALE) for 371 diseases and injuries in 204 countries and territories and 811 subnational locations, 1990–2021: A systematic analysis for the Global Burden of Disease Study 2021. The Lancet, 403(10440), 2133–2161. https://doi.org/10.1016/S0140-6736(24)00757-8

Healthy Belgium. (2024). Mental health – Anxiety and depression. https://www.healthybelgium.be/en/health-status/mental-health/anxiety-and...

Knotkova, H., Clayton, A., Stevens, M., Riggs, A., Charvet, L. E., & Bikson, M. (2019). Home-based patient-delivered remotely supervised transcranial direct current stimulation. In H. Knotkova, M. A. Nitsche, M. Bikson, & A. J. Woods (Eds.), Practical guide to transcranial direct current stimulation (pp. 221–241). Springer. https://doi.org/10.1007/978-3-319-95948-1_13

Lefaucheur, J.-P., Antal, A., Ayache, S. S., Benninger, D. H., Brunelin, J., Cogiamanian, F., et al. (2017). Evidence-based guidelines on the therapeutic use of transcranial direct current stimulation (tDCS). Clinical Neurophysiology, 128(1), 56–92. https://doi.org/10.1016/j.clinph.2016.10.087

Lefaucheur, J.-P., Aleman, A., Baeken, C., Benninger, D. H., Brunelin, J., Di Lazzaro, V., … Ziemann, U. (2020). Evidence-based guidelines on the therapeutic use of repetitive transcranial magnetic stimulation (rTMS): An update (2014–2018). Clinical Neurophysiology, 131(2), 474–528. https://doi.org/10.1016/j.clinph.2019.11.002

Priori, A. (2003). Brain polarization in humans: A reappraisal of an old tool for prolonged non-invasive modulation of brain excitability. Clinical Neurophysiology, 114(4), 589–595.

Sathappan, A. V., Luber, B. M., & Lisanby, S. H. (2019). The dynamic duo: Combining noninvasive brain stimulation with cognitive interventions. Progress in Neuro-Psychopharmacology & Biological Psychiatry, 89, 347–360. https://doi.org/10.1016/j.pnpbp.2018.10.006

Van Eijndhoven, P., van den Heuvel, O., van Oostrom, I., Tendolkar, I., & van der Werf, Y. (Eds.). (2025). Leerboek niet-invasieve hersenstimulatie: Van neurowetenschap tot klinische praktijk. Boom.

Woodham, R. D., Selvaraj, S., Lajmi, N., Hobday, H., Sheehan, G., Ghazi-Noori, A. R., Lagerberg, P. J., Rizvi, M., Kwon, S. S., Orhii, P., Maislin, D., Hernandez, L., Machado-Vieira, R., Soares, J. C., Young, A. H., & Fu, C. H. Y. (2025). Home-based transcranial direct current stimulation treatment for major depressive disorder: A fully remote phase 2 randomized sham-controlled trial. Nature Medicine, 31(1), 87–95. https://doi.org/10.1038/s41591-024-03305-y